Brouwproces
bokbier of bockbier in glas alle bokbieren in nederland

Brouwproces

 

Allereerst worden de mouten welke volgens het recept gebruikt dienen te worden geschroot. (zie schroten).

 

Schroten met een oude koffiemolen.

Dit wordt gestort in warm water. Vervolgens gaat men maischen om de aanwezige zetmeel om te zetten in suikers, en om de smaakstoffen van de mouten te verkrijgen. Er ontstaat dan een extract van de mout waar de benodigde smaakstoffen en suikers zitten voor het uiteindelijke bier.

 

Na het maischen gaat men spoelen: Het extract wordt afgetapt en verdund met het zogenaamde spoelwater, waardoor de smaakstoffen en het suiker zoveel mogelijk in het wort terecht komen. Het residu dat dan ontstaat noemt men de bostel.

Het wort welke overblijft na het spoelen moet worden gekookt. Door het koken verdampt water, waardoor het extract een hoger suikergehalte krijgt. Daarnaast wordt tijdens het koken hop en andere ingrediënten, zoals kruiden en specerijen toegevoegd. Hop zorgt voor smaak, en een langere houdbaarheid.

 

Filteren

Als het wort lang genoeg gekookt heeft moet het worden gefilterd en gekoeld. Het filteren is nodig om eiwitten en restanten van de hop(pellets) te verwijderen zodat er een redelijk heldere vloeistof overblijft.

 

Gistingsproces

Wanneer het wort voldoende is afgekoeld moet er gist worden toegevoegd. De gist zorgt ervoor dat de wort uiteindelijk bier wordt. De suikers in de wort worden door de gistcellen omgezet in alcohol en koolzuur. Afhankelijk van het bier wat men brouwt, wordt het gisten na een week minder intensief. De meeste thuisgebrouwen bieren hebben een bovengisting.

 

Tweede gisting

De tweede gisting, of het klaren, duurt over het algemeen nogmaals een week, en tijdens dit proces gaan de dan nog levende gistcellen door met het afbreken van suikers. De dode gistcellen, eiwitten en andere onregelmatigheden zakken naar de bodem, zodat het bier steeds helderder wordt.

 

Bottelen

Na de klaring of tweede gisting, is het bier klaar om gebotteld te worden. Voor de thuisbrouwer betekent dit dat het bier in schone flesjes moet worden overgegoten. In deze flesjes is dan een kleine hoeveelheid suiker toegevoegd om ervoor te zorgen dat de gistcellen, die nog in het bier zitten, koolzuurgas produceren in de fles. Dit koolzuur zorgt voor de schuimkraag en de typische biersmaak. Na 2 tot 6 weken is het gistingsproces in de fles voltooid, en het bier drinkbaar.

 

Benodigde apparatuur

 

Schroten: Schrootmolen. Deze is kant en klaar te koop, maar een oude koffiemolen voldoet prima.

 

Maischen en koken: Voor het maischen en het koken heeft men grote, liefst roestvrijstalen, pannen nodig. Deze kunnen zowel elektrisch als op gas verwarmd worden. De ketel moet voldoende groot zijn (20L), en de temperatuur moet precies geregeld kunnen.

Filterkuip dan wel hevelfilter: Om het wort uit het beslag te filteren is een filterkuip of een hevelfilter nodig. Beide zijn zelf te maken.

 

Gistingsvat: Gistvaten en flessen zijn te koop bij de speciaalzaak.

Hevel: Voor het spoelen en het filteren heeft men een zogenaamde hevel nodig. Dit bestaat uit een filter, een plastic slang, en een kraantje om het geheel te kunnen regelen.

 

Bottelen: Voor het bottelen kan men de hevel gebruiken, met een speciaal daarvoor geschikte kraan of botteleinde. Belangrijk voor het bottelen is de hygiëne en de zorg voor zo weinig mogelijk lucht in het bier. Te veel lucht kan oxidatie veroorzaken waardoor het bier bederft.

 

Flesjes: De flesjes dienen schoon te zijn. Euroflessen voldoen prima. Vlak voor het bottelen moeten deze worden gesteriliseerd om bederf te voorkomen.

 

Kroonkurk: Via de brouwvereniging of de speciaalzaak kunnen kroonkurken en de daarbij benodigde kurkapparaten worden gekocht. Deze dienen hygiënisch bewaard te worden vanwege het gevaar van bederf.